Introductie
Transportondernemers krijgen steeds vaker te maken met de gevolgen van criminaliteit. De ‘klassieke' slachtoffers nemen steeds betere maatregelen tegen criminaliteit. Denk aan de beveiliging van banken, postkantoren, benzinestations en winkels. De problematiek verschuift hierdoor naar een relatief makkelijker slachtoffer. Ook verplaatst het diefstalrisico zich van de fabriekshal naar de vrachtauto en van de fabrikant naar het transportbedrijf. De kwaliteit en de continuïteit van het bedrijfsleven wordt ernstig bedreigd. Gelet op alle handelingen die moeten worden verricht om een gestolen vrachtauto met of zonder lading te verkopen, lijkt het er op dat het heel vaak georganiseerde criminaliteit betreft.
Nederlandse transportbedrijven zijn over het algemeen goed verzekerd tegen diefstal van lading en voertuigen. Helaas wordt er in heel veel gevallen niet (of onvoldoende) uitbetaald door de verzekeraar. De verzekeringsmaatschappijen stellen namelijk zulke hoge eisen aan de vervoerder, dat uitkering bij schade door diefstal minder vanzelfsprekend is. Het gevolg hiervan is dat de vervoerder steeds vaker geheel of gedeeltelijk voor de schade op moet draaien. De verzekerbaarheid van het beroepsgoederenvervoer komt daarmee in het geding. Dit heeft zelfs bij diverse vervoerders een faillissement veroorzaakt!
TLN houdt het cijfer van circa 350 miljoen euro aan op jaarbasis inzake ladingdiefstallen. Dit betreft alleen de waarde van de lading. Vertragings- en gevolgschade is niet meegenomen in dit cijfer. Dit cijfer wordt bevestigd door verzekeraars. TLN signaleert meer geweld gericht tegen chauffeurs. Dit wordt bevestigd door onderzoek van de IRU (Attacks on Drivers of International Heavy Goods Vehicles, 2008).
Meer info over dit onderwerp is te vinden onder de sublabels Politiek - toegankelijk voor elke bezoeker - en Praktijk - alleen toegankelijk voor leden van TLN.





