Cabotage in Duitsland

Duitsland kent een aantal extra bepalingen ten aanzien van cabotage. Voorwaarde is dat vergunningen en verzekeringen in orde zijn.

​Naast de gebruikelijke Eurovergunning en de ingevulde CMR-vrachtbrief verlangt Duitsland een verklaring of bewijs van de verzekeringsm​aatschappij waaruit blijkt dat de lading conform de Duitse verzekeringsvoorwaarden is verzekerd. 

De verklaring mag in ​het Nederlands opgesteld zijn. Daartoe dient men letterlijk aan te geven dat de lading conform §7a GüKG (Güterkraftverkehrsgesetz) verzekerd is. Een kopie van de verzekeringspolis moet op het voertuig aanwezig zijn.​

Hoe zit het met Duitse verzekerings- en aansprakelijkheidslimieten?

De Duitse verzekeringsvoorschriften en aansprakelijkheidslimieten voor binnenlands vervoer zijn vastgesteld in het Güterkraftverkehrsgesetz (GüKG) en Handelsgesetzbuch (HGB). Voor het beroepsgoederenvervoer betekent dit dat de aansprakelijkheidslimiet niet meer automatisch is vastgesteld op 80 euro/kg, maar op 8,33 SDR/kg (Special Drawing Rights). Hiermee richt het Duitse HGB zich naar de CMR-aansprakelijkheidslimiet.

Het HGB biedt ook de ruimte aan vervoerders en verladers om respectievelijk Allgemeine Geschäftsbedingungen (AGB) te vergelijken met de Nederlandse AVC en Allgemeine Deutsche Spediteurbedingungen (ADSp) overeen te komen. Dat biedt u en uw verladers wettelijk de mogelijkheid van deze vaste aansprakelijkheidslimiet van 8,33 SDR af te wijken.

Maar deze afwijking mag slechts binnen een bandbreedte van minimaal twee SDR en maximaal 40 SDR/kg. Daarnaast biedt het HGB zelfs de mogelijkheid om, buiten de AGB en ADSp om, iedere gewenste onder- of bovenlimiet individueel contractueel overeen te komen. Met andere woorden, een lagere limiet dan twee SDR of een hogere limiet dan 40 SDR van de AGB/ADSp.

Hoe is dit in de praktijk te verzekeren?

U hoeft voor cabotageritten geen aparte verzekering bij een Duitse verzekeringsmaatschappij af te sluiten. U kunt volstaan met een bevestiging van uw Nederlandse verzekeringsmaatschappij, waaruit blijkt dat u conform de Duitse verzekeringsvoorschriften verzekerd bent, dat wil zeggen conform §7a GüKG.

Deze paragraaf houdt het volgende in:

  • Verplichte wettelijke aansprakelijkheid voor lading- en vertragingsschade van € 600.000 per schadegeval.
  • Er mag sprake zijn van een eigen risico voor de verzekeringnemer.
  • Er mag sprake zijn van een maximale dekking per kalenderjaar, maar deze mag niet lager zijn dan € 1.200.000.

Verder moet de vervoerder ervoor zorgen dat de chauffeur een kopie van de verzekeringspolis meevoert in het voertuig, zodat deze bij controles kan worden getoond.

Welke vervoerscondities gelden bij cabotage in Duitsland?

De grondslag voor de vervoerscondities zijn terug te vinden in het HGB. Deze condities - AGB voor de transportondernemer en ADSp voor de opdrachtgever of expediteur - zijn niet dwingend voorgeschreven. Vervoerscondities kunnen contractueel zelfstandig worden vastgesteld en overeengekomen door u en de opdrachtgever, maar dat is niet verplicht. Nogmaals, als geen aparte condities worden overeengekomen geldt automatisch de CMR-aansprakelijkheidslimiet van 8,33 SDR.

Hoe is de btw-afdracht te regelen?

Sinds 1 januari 2010 gelden er nieuwe btw-regels in de EU. Alle binnenlandse transportactiviteiten in Duitsland vallen onder de Duitse wet op de Omzetbelasting, ofwel de Umsatzsteuer Durchführungs Verordnung (UStDV). Nederlandse vervoerders die voor Duitse opdrachtgevers vervoer verrichten, kunnen volstaan met de vermelding van een bepaalde mededeling op de factuur. De vermelding van het Duitse btw-identificatienummer van de Duitse opdrachtgever moet nog steeds worden opgenomen. Voor cabotagevervoer voor een Duitse opdrachtgever kan de vermelding luiden: 'btw verlegd' of 'reverse charge'.

Bij cabotagevervoer voor een Nederlandse opdrachtgever is deze dienst vanaf 1 januari 2010 belast met Nederlandse btw. Als transporten worden uitgevoerd voor particulieren, dan draagt u de omzetbelasting zelf af. Daarvoor moet u eveneens een eigen btw-identificatienummer aanvragen bij een Duits Finanzamt. Voor Nederlandse vervoerders is dit het Finanzamt in Kleve: Emmericher Straße 182, D-47533 Kleve.

Welke belastingen zijn verder te betalen?

Volgens een overeenkomst tussen Nederland en Duitsland mag een voertuig uit één van deze landen maximaal 14 dagen aaneengesloten in het andere land worden ingezet. Deze
termijn is met name van toepassing op de vrijstelling van de Duitse motorrijtuigenbelasting (Kfz-Steuer). Na veertien dagen moet u in Duitsland MRB gaan betalen en het voertuig invoeren.

Welke voorwaarden gelden bij het vervoer van levensmiddelen?

De wetgeving die voor het transport van levensmiddelen geldt, heet de Lebensmitteltransportbehälter-Verordnung (LMTV). Deze wet is onder meer van toepassing op het vervoer van levensmiddelen in tankauto’s en is nagenoeg gelijk aan het ATP-verdrag. Bovendien eist de Duitse wetgeving (LMTV) dat alleen tanks worden gebruikt die zijn voorzien van het opschrift ‘Nur für Lebensmittel’. Die tanks mogen dan ook daadwerkelijk alleen voor zulke transporten worden gebruikt. In het geval van het vervoer van wijn in tanks is de Duitse wijnwetgeving van kracht.

Deze wet stelt onder andere de eis dat het opschrift ‘Nur für
Lebensmittel’ met een lettergrootte wordt aangeduid van 120 millimeter. Deze bepaling geldt ook voor het internationale vervoer van wijn. Aan andere producten waarop de LMTV
van toepassing is, worden geen eisen met betrekking tot de lettergrootte gesteld.

Welke voorwaarden gelden bij het vervoer van gevaarlijke stoffen?

Voor het vervoer van gevaarlijke stoffen gelden de bepalingen van het ADR (Accord européen relatif au transport international de marchandises Dangereuses par Route). De technische voorschriften met betrekking tot het voertuig blijven beperkt tot het ADR. Voor de vakbekwaamheid (ADR-certificaat) gelden ook de bepalingen van het ADR. Maar u moet bij het binnenlandse vervoer met een aantal afwijkingen rekening houden:

  • Extreem giftige stoffen mogen überhaupt niet over de weg worden vervoerd (bijvoorbeeld dioxine).
  • Voor het vervoer van goederen uit tabel 1, 2.1, 2.2 en 3 (voormalige zogenaamde Liste I und II Güter) geldt in principe een vervoersverbod over de weg, tenzij: 
    - een bepaalde gegeven ladingmassa niet wordt overschreden
    - er, ongeacht ladingmassa, uitsluitend over autosnelwegen wordt gereden
    - voor het vervoer een ontheffing kan worden afgegeven (Fahrwegbestimmung).

Welke voorwaarden gelden bij het vervoer van afvalstoffen?

Voor het vervoeren van gevaarlijke afvalstoffen op Duits grondgebied moet de vervoerder over een speciale vergunning, de'Erlaubnis' volgens §54 ​van het Kreislaufwirtschaftsgesetz​ (KrWG) beschikken. Eén van de voorwaarden voor het verkrijgen van eenErlaubnis, is het overleggen van een bewijs van vakkennis. Daartoe moet een Duitse cursus worden gevolgd. Bij uitsluitend grensoverschrijdend verkeer tussen Nederland en Duitsland is er vrijstelling van deze vakkennis.

Voor het vervoeren van ongevaarlijke afvalstoffen op Duits grondgebied moet de vervoerder kunnen aantonen geregistreerd te zijn volgens §53 van het KrWG. Deze registratie, ​'Anzeige' genaamd, kent voorwaarden. Helaas variëren die per autoriteit. In het gunstigste geval hoeft er slechts een kopie van de Eurolicentie en van de inschrijving op de VIHB-lijst te worden overlegd.

In alle gevallen moet de voor het vervoeren van afvalstoffen gebruikte transporteenheid op Duitse wegen herkenbaar worden gemaakt met witte borden, waarin de letter A staat afgebeeld.

Lees ook de pagina over Afvaltransport naar Duitsland.

TLN Landendocumentatie

Ga voor meer informatie over Duitsland naar de TLN Landendocumentatie.