Jacco Vonhof: ‘Maak het MKB de norm’

Jacco Vonhof is voorzitter van MKB-Nederland. Een ondernemer in hart en nieren, een man van klare taal en frisse ideeën. Als ‘CEO van de grootste werkgever van Nederland’ (het midden- en kleinbedrijf) richt hij zijn pijlen op een grondige uitvoering van de nieuwe kabinetsplannen. ‘De richting is goed, maar nu moet de schop in de grond’.

Jacco Vonhof (VNO-NCW)
FOTO GUUS SCHOONEWILLE

Je bent drie jaar voorzitter van MKB-Nederland. Wat dreef je om die belangrijke klus te gaan doen? 
Het kwam op mijn pad. Ik was toen vijfentwintig jaar ondernemer. In 1993 ben ik in mijn eentje begonnen als glazenwasser wat is uitgegroeid tot een schoonmaakbedrijf met 2300 werknemers. Ik voelde me drie jaar geleden al een tijdje overbodig in mijn eigen bedrijf. Om het bedrijf verder te laten groeien had ik anderen aan het roer gezet. Ik ben grootaandeelhouder en heb inmiddels de rol van aanjager en bemoei me niet meer met de dagelijkse gang van zaken. Ik was toen al actief als bestuurder van VNO-NCW regio midden en kwam al regelmatig in de Malietoren in Den Haag.  

Wat neem je vanuit het ondernemerschap mee in je rol als voorzitter van MKB-Nederland? 
Mijn kwaliteit is zelfkennis. Er is veel wat ik niet kan en niet leuk vind dus dat doe ik dan ook niet meer Ik heb daar niet mee geworsteld, niet de leiding proberen te houden, maar mensen aangenomen die goed leiding kunnen geven en groei realiseren. Natuurlijk heb ik wel een paar dingen goed gedaan. Ik had vrij snel in de gaten dat het niet ging om de verwachtingen van je klanten te overtreffen die een uitstekende dienstverlening heel normaal vinden. Het gaat erom of mensen graag zaken met je willen doen, dat ze je betrouwbaar vinden, dat je in staat bent om antwoorden te vinden op vragen die bedrijven hebben. Als je daarin waarde toevoegt, kiezen bedrijven ervoor om zaken te doen met jou. Ik ben ook vrij snel in allerlei netwerken gedoken en heb meegewerkt aan het verder brengen van mijn stad en regio. Het helpt allemaal in mijn rol bij MKB-Nederland.  

Hoe kijk je aan tegen de ondernemers in de transport en logistiek? 
Ik zie een aantal gelijkenissen met mijn branche, de schoonmaak. Transport is een dienstverlening waarvan mensen het heel gewoon vinden dat het er is. Ze begrijpen eigenlijk nauwelijks hoe de wereld van de logistiek in elkaar zit. Je bent alleen die lastige vrachtwagen op de weg. Transportondernemers worden ook steeds meer logistieke ondernemers. Waar het eerder heel plat spullen van A naar B brengen was, zie je steeds meer dat ondernemers verder in de keten gaan om kwaliteit van dienstverlening toe te voegen. Daarmee kun je je onderscheiden.   

In de Elsevier Economie Lezing die je eind vorig jaar hield, zei je te hopen dat je kinderen je bedrijf gaan overnemen. “Als ze dat durven tenminste, in dit ondernemersklimaat”. Is het zo slecht gesteld met dat klimaat?
Het bedrijfsleven is de laatste jaren zo zwaar belast waardoor de verdiencapaciteit vermindert en daarmee ook de inkomsten voor de BV Nederland. Voor de investeringen in de grote opgaven van nu heb je een gezond ondernemersklimaat nodig. Wat ik vooral zie is wantrouwen, daar is veel beleid op gestoeld. Als ik kijk naar de financierbaarheid zie ik dat het voor MKB-ondernemers tot een bedrag van 50 miljoen euro aan toe bijna onmogelijk is om op een fatsoenlijke manier financiering te krijgen. Het wordt wel heel erg ingewikkeld gemaakt. Corona heeft daar bovenop enorme gaten geslagen in de vermogensposities van veel ondernemers. Door de bijna op hol geslagen regelgevingsmachine die wij in Nederland hebben is het voor ondernemers bijna onmogelijk om groeistappen te maken. Voor regels die voor grote bedrijven worden gemaakt moet ik de boer op om duidelijk te maken dat MKB-bedrijven hiervan uitgezonderd moeten worden. Maar het is toch raar dat je 99 procent van het bedrijfsleven de uitzondering noemt. Een gemiddeld MKB bedrijf in Nederland telt op dit moment negen werknemers. Onze belangrijkste insteek tijdens de formatie was: maak MKB de norm! 

Is dat gelukt in het coalitieakkoord? 
Het coalitieakkoord is een ambitiestuk. Het viel mij op dat het MKB zeventien keer expliciet is genoemd. Ook de thema ‘s waarop wij zwaar hebben ingestoken – regeldruk, financieringsmogelijkheden, werken aantrekkelijk maken, werkgeverschap stimuleren – zijn opgenomen in de regeringsplannen. Tot zover goed maar het gaat nu om de uitvoering. Daar moeten stevige programma’s voor komen. Op elk ministerie moet het credo zijn: schop in de grond, aan de slag!   

Maak fondsen bereikbaar voor MKB-ondernemers

Wat houden die stevige programma’s in? 
Dat betekent dat je vanaf dag één ook daadwerkelijk op de uitvoering gaat sturen. Stel je nou eens een ideale wereld voor: in 2030 hebben alle logistieke ondernemers elektrische transportmiddelen. Dat betekent dat je als de wiedeweerga moet investeren in laadinfrastructuur en ondernemers moet ondersteunen in de aanschaf van elektrische voertuigen. Daar zijn fondsen voor. Dat is heel goed. Maar maak die voor die MKB-ondernemer ook bereikbaar. Dat je als ondernemer niet een heel boek moet schrijven, experts moet inhuren, om uiteindelijk te constateren dat de kosten van zo’n aanvraag bijna net zo hoog zijn als het aangevraagde bedrag om het goede te doen. En vanaf dag één betekent ook niet dat de sector moet gaan zitten wachten tot 2027 op het geld uit de terugsluis van de vrachtwagenheffing. Daar schiet je als ondernemer helemaal niks mee op. Zeker niet als in 2030 minimaal 12.000 elektrische vrachtwagens nodig zijn om de klimaatdoelen te halen. En dan is dit nog maar één dossier. Het geldt natuurlijk voor alle belangrijke onderwerpen. 

 Over de politiek schrijf je dat je je nog steeds de glazenwasser voelt die naar binnen kijkt in de Haagse kantoren en het comfort ziet van de ambtenaren die binnen zitten. Jij bent op je ladder de enige die risico neemt. Je mist in Den Haag vaak begrip voor wat ondernemers drijft. Hoe komt dat? 
Het bijzondere is dat ik hier iedere dag te maken heb met mensen die, net als ik, gemotiveerd zijn om het voor mensen beter te maken. Je gaat niet in de politiek om het land naar de kloten te helpen. Alleen ik ervaar dat men in Den Haag de werkelijkheid vanuit het macrobeeld benadert. Ik zat net in de krant te lezen over koopkrachtplaatjes. Wat is nou een koopkrachtplaatje? Wie is dan de gemiddelde Nederlander en hoe zit dat dan precies? Dus dan gaan we straks die koopkracht te repareren? Nou, dat wordt ook weer een overall maatregel. Komt dat op de goede plek? Ook als het gaat om ondernemerschap denkt men altijd vanuit die modellen. Ondernemers passen niet in modellen. Zo werkt de economie ook niet. De werkelijkheid is vaak complex. Het antwoord van de politiek op complexiteit is vaak nóg meer complexiteit toevoegen.  

Heb jij simpeler oplossingen?
Soms moet je iets wat dolgedraaid is en waar we niet meer uitkomen veel radicaler aanpakken. Neem de zelfstandigenaftrek die wordt verlaagd, een maatregel die een deel van jullie achterban raakt. Als het idee is om schijnzelfstandigheid aan te pakken loop je hiermee ook het risico dat je de echte ondernemers raakt. Wees dan duidelijk en zeg bijvoorbeeld: ondernemerschap zit in een BV. Dan wordt het voor een aantal mensen een keuze om van de Inkomstenbelasting naar de Vennootschapsbelasting te gaan. Zo kan ondernemerschap optimaliseren en tot een fatsoenlijk ondernemersloon komen. En in de Inkomstenbelasting hebben we gewoon werknemers. We hebben een nieuwe manier van denken nodig die een waterscheiding aanbrengt tussen echt ondernemerschap en schijnzelfstandigheid.  

Welke oplossingen heb je voor  de problemen op de arbeidsmarkt? 
Op de arbeidsmarkt van nu is iedereen nodig. Alles moet alles gericht zijn op het aan het werk helpen én houden van mensen. Daarbij horen ook onderwijs en ontwikkeling. We moeten nog eens kritisch kijken naar ons onderwijsmodel en ervoor zorgen dat onderwijs veel beter aansluit op de werkvloer. Daarnaast moeten we zorgen dat werken altijd loont en dat het werkgeverschap eenvoudiger en minder belastend wordt. Een gedachtenexperiment: stel je hebt in ons land zo’n 250.000 zelfstandige ondernemers die in de kern, net als ik vroeger, best zouden willen groeien. Wat zou het mooi zijn als zij allemaal hun eerste werknemer in dienst kunnen nemen. Laat dat nou ongeveer net de groep mensen zijn die we nu aan de kant hebben zitten. Die gun je toch een vaste baan bij een leuke werkgever. Ik weet, zo werkt de wereld niet, maar je kunt er wel zo over denken. Als het eenvoudiger en aantrekkelijker wordt om iemand in dienst te nemen, is de kans groot dat je een aantal problemen aan de basis oplost. De drempel voor die eerste werknemer is nu veel te hoog. 

Ondernemers passen niet in modellen

Wat bindt ondernemers en politiek?  
Ik denk dat ondernemers vinden dat de politiek onvoldoende oog heeft voor ondernemerschap. Voor een belangrijk deel is dat ook zo. Kijk, ik geloof dat we het eerst moeten verdienen voordat we kunnen verdelen. We hebben een gezonde economie nodig. Dat wil niet zeggen dat het altijd meer en groter moet. Het gaat over een economie die toekomstbestendig is en die ook langjarig over generaties heen, welvaart in Nederland blijft bieden. En welvaart is meer dan alleen geld. Als de richting van waar we met elkaar naartoe moeten duidelijk is, dan weten ondernemers ook wat ze moeten doen om daar te komen. Maar ze moeten wel de ruimte krijgen. Dat betekent dat het veel meer moet komen vanuit vertrouwen dan vanuit wantrouwen. Wantrouwen is voor ondernemers gewoon niet de goede brandstof. Dan heb je de verkeerde brandstof getankt. 

 Wat is je belangrijkste les die je aan een startende ondernemer wil meegeven? 
Zorg ervoor dat je die dingen doet waar je echt goed bent en laat anderen doen waar je niet goed in bent. Investeer niet in het optimaliseren van zaken waarvoor je toch al geen belangstelling of geen kwaliteit hebt. Alleen wanneer je focust op dingen waar je heel goed in bent, kun je de beste worden.  

Jacco Vonhof (1969) is geboren in Enschede en groeide op in Zwolle. Na een paar jaar rechtenstudie -die hij niet afmaakte – kocht hij een ladder en een bestelbusje en werd glazenwasser. Hij bouwde deze eenmanszaak in Zwolle uit tot een middelgroot schoonmaakbedrijf. Vonhof was onder meer bestuurslid van brancheorganisatie OSB (schoonmaakbedrijven), lid van de adviesraad van het UWV en voorzitter van VNO-NCW Midden. In 2018 werd hij voorzitter van ondernemersorganisatie MKB-Nederlanden en is sindsdien lid van het dagelijks bestuur van de Sociaal Economische Raad (SER) en de Stichting van de Arbeid. Naast eigenaar van Novon Schoonmaakbedrijven is Vonhof ook aandeelhouder van Djopzz personeelsdiensten dat zich onder meer richt op onderwijspersoneel en instroombanen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Jacco Vonhof woont in Zwolle en is vader van een tweeling.  

Dit artikel is verschenen in de eerste editie van HUB, hét ledenblad van TLN.
Tekst: Hans van den Berg