Transport van food, feed en dierlijke bijproducten

Op het transport van de productgroepen food, feed, dierlijke bijproducten (dbp) en afgeleide producten hiervan zijn verschillende wettelijke eisen van toepassing.

​​​Met name voor bedrijven die twee of meer van deze productgroepen vervoeren kan dit tot verwarring leiden. Hieronder staat per productgroep aangegeven en toegelicht wat wettelijk is voorgeschreven en hoe vervoerders daaraan kunnen voldoen.  

Overzicht

De (wettelijke) eisen zijn samengevat in onderstaand schema. 
 

​Food​Feed​Dierlijke bijproducten (dbp)
​Betreft: grondstoffen, levensmiddelen en ingrediënten bestemd voor menselijke consumptie ​Betreft: diervoeders
(voedermiddelen, additieven, voormengsels, aanvullende en volledige diervoeders)
​Betreft: producten van dierlijke oorsprong en afgeleide producten die niet (meer) voor menselijke consumptie zijn bestemd
​NVWA-registratie
aanmelding via NVWA: 
Registratieformulier levensmiddelen
NVWA-registratie 
aanmelding via NVWA: 
Registratiefo​rmulier diervoeders
​NVWA-registratie 
aanmelden via NVWA: 
Registratieformulier Dierlijke bijproducten
​Toepassen Hygiënecode 
Transport, opslag en distributie óf er dient middels een eigen HACCP-handboek te worden voldaan aan art. 4 en 5, en de bijlage II van Vo 852/2004
Geen Hygiënecode
Door toepassing van GMP+ standaard B4 óf het opzetten van een eigen HACCP-handboek voldoen aan art. 6 en 7 en bijlage II van Vo 183/2005.
​Geen Hygiënecode 
Eisen staan in Bijlage VIII bij
Verordening (EG) nr. 142/2011; Belangrijkste eisen onderstaand beschreven
​Levensmiddelen in bulk in vloeibare-, gegranuleerde of poedervormige staat: 
- Containers/tanks mogen uitsluitend voor vervoer van levensmiddelen worden gebruikt.
- Tekst op container/tank/ruimte: ‘Alleen voor levensmiddelen’
​Etiket op het wegtransportmiddel met daarop de categorie die wordt vervoerd en de specifieke tekst die bij het soort product hoort. Bij grensoverschrijdend vervoer van DBP tussen de lidstaten, zijn voor de etiketten op de verpakking of op het vervoermiddel voorgeschreven kleurcodes van toepassing: categorie 1 = zwart, categorie 2 = geel, categorie 3 = groen.
​Er zijn geen specifieke modellen handelsdocumenten voor food voorgeschreven. ​Er zijn geen specifieke modellen handelsdocumenten voor feed voorgeschreven. Wel dienen in geval van diervoeders in bulk de etiketteringseisen van Vo
767/2009 op het transportdocument te worden vermeld.
​Bij vervoer naar andere landen binnen de Europese Unie moet een voorgeschreven model handelsdocument de partij vergezellen. Het model hiervan staat in Hoofdstuk III van Bijlage VIII van Verordening (EG) nr. 142/2011. Bij binnenlands vervoer is dit voorgeschreven handelsdocument niet noodzakelijk, maar kan een model document (b.v. een CMR) de partij vergezellen. Hierop moeten wel bepaalde gegevens zijn opgenomen: zie hiervoor Bijlage VIII, Hoofdstuk III, punt 6, f). De ontvanger bewaart het origineel, de verzender en transporteur bewaren elk een afschrift van het handelsdocument

Toelichting Food

Verordening (EG) nr. 852/2004 regelt voor de productgroep food o.a. de levensmiddelenhygiëne en HACCP-verplichtingen. De verordening schrijft voor dat op wegtransportmiddelen voor bulkvervoer van levensmiddelen de tekst ‘alleen voor levensmiddelen’ is opgenomen.

In de Verordening (EG) nr. 853/2004 staan specifieke voorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong. HACCP staat voor Hazard Analysis Critical Control Points. In de verordening is vastgelegd dat de voedselveiligheid systematisch moet worden beheerst en geborgd.

In de Hygiënecode Transport, Opslag en Distributie (TOD), ontwikkeld door TLN en EVO, zijn de HACCP-beginselen van de Verordeningen (EG) nr. 852/2004 en 853/2004 uitgewerkt. Aan de code ligt een brancherisicoanalyse ten grondslag en de code omvat uitsluitend de wettelijke HACCP- en hygiëneverplichtingen.

Om te voldoen aan de wet kan worden volstaan met het aantoonbaar toepassen van de Hygiënecode TOD en de NVWA-registratie. Aanvullende mogelijkheden ten aanzien het organiseren en borgen van voedselveiligheid in uw bedrijf zijn het laten certificeren voor de Hygiënecode TOD of een eigen HACCP-handboek en HACCP-certificering.  

Uitgangspunt voor Food

  • Bij het bulkvervoer van vloeibare, gegranuleerde of poedervormige levensmiddelen (food) moet op de wegtransportmiddelen de tekst ‘alleen voor levensmiddelen’ zijn aangebracht en deze wegtransportmiddelen mogen niet voor vervoer van diervoeders (feed) of dierlijke bijproducten of andere stoffen (zoals chemicaliën) worden ingezet, ook niet na reiniging/ontsmetting van de laadruimte.

De volgende aanvullingen of uitzonderingen gelden hierop:

  • Een levensmiddel (zowel van plantaardige- als dierlijke oorsprong) mag in bulk met een vervoermiddel met tekst “alleen voor levensmiddelen” worden vervoerd naar een diervoederbedrijf. Let op: Dit geldt alleen voor levensmiddelen die ook zo naar levensmiddelenbedrijven vervoerd worden. Zijn levensmiddelen bijvoorbeeld om kwaliteitsredenen afgewaardeerd, en dus niet meer bedoeld als levensmiddel, dan is vervoer in een vervoermiddel met “alleen voor levensmiddelen” niet toegestaan.
  • Indien levensmiddelen van dierlijke oorsprong naar diervoederbedrijven worden vervoerd, dan dient ook aan de eisen van dierlijke bijproducten te worden voldaan.

Toelichting Feed

De Verordening (EG) nr. 183/2005 is opgesteld tot vaststelling van voorschriften voor diervoederhygiëne. Deze schrift voor dat een exploitant van een diervoederbedrijf (incl. transport- en opslagbedrijven) werkt op basis van HACCP beginselen. Dit kan het eenvoudigst door toepassing van de GMP+ standaard B4. Hiernaast stelt Verordening (EG) nr. 183/2005 een NVWA-registratie ‘diervoeder’ verplicht.

Bij het vervoer van diervoeders is het van belang dat het juiste reinigingsregime voor de verschillende ladingscategorieën (LR1 t/m LR 4) wordt toegepast.

Met ingang van 16 september 2012 is strengere regelgeving in werking getreden voor transport van (plantaardige)oliën en (meng)vetten voor de diervoedersector (zie Vo.
225/2012). De Bijlage II van Verordening (EG) nr. 183/2005 is hierop aangepast. 

Toelichting Dierlijke bijproducten (DBP) en afgeleide producten uit dierlijke bijproducten (AP)

De wettelijke eisen voor dierlijke bijproducten zijn geregeld in de Verordening (EG) nr. 1069/2009, de verordening (EG) nr. 142/2011, de Gezondheids- en Welzijnswet voor dieren, het Besluit dierlijke bijproducten en de Regeling dierlijke bijproducten 2011. Er zijn drie categorieën dierlijke bijproducten, waarmee in grote lijnen het volgende is toegestaan: 

  • categorie 1: moet als afval worden verwijderd; in Nederland wordt het materiaal eerst verwerkt tot vleesbeendermeel en vetten en daarna verwijderd door verbranding;
  • categorie 2: mag worden verwijderd als afval, maar sommige producten mogen ook worden gebruikt in biogas- of composteerinstallaties of voor technische toepassing buiten de voedsel- en (dier)voederketen;
  • categorie 3: mag onder bepaalde voorwaarden worden gebruikt voor de productie van voeder voor gezelschapsdieren, diervoeder en technische producten, maar kan ook worden gebruikt in biogas- of composteerinstallaties.

Bedrijven die iets met DBP of AP doen, zoals verwerken of transporteren, moeten bij de NVWA erkend of geregistreerd worden. In het algemeen geldt dat voor bedrijven die DBP en AP transporteren een registratie is vereist (dus geen erkenning).

Op deze regel is één uitzondering: registratie is niet nodig wanneer een bedrijf al erkend is én met eigen transportmiddelen de eigen producten vervoert. B.v. een bedrijf dat erkend is voor de verwerking van slachtbijproducten haalt met eigen vervoermiddelen de slachtbijproducten op bij de slachterijen om bij hun eigen bedrijf verwerkt te worden.

Bij het vervoer van dierlijke bijproducten is vereist dat op het wegvervoermiddel of op de recipiënt een etiket is opgenomen met daarop de vermelding van de categorie dierlijke bijproducten én de specifieke vermelding die behoort bij het te vervoeren product. Zie hiervoor de lijst in Vo 142/2011, Bijlage VIII, Hoofdstuk II, onder identificatie. b.v. 

  • ‘categorie 1’ en de woorden ‘uitsluitend geschikt voor verwijdering’,
  • ‘categorie 2’ en de woorden ‘niet voor dierlijke consumptie’,
  • ‘categorie 3’ en de woorden ‘niet voor menselijke consumptie’,
  • voor mest geldt: 'Categorie 2' en het woord 'mest',
  • Daarnaast moet op de recipiënten, de etiketten of vervoermiddelen, tevens een kleurcodering zijn aangebracht: zwart, geel of groen. Zie hiervoor Hoofdstuk II in Bijlage VIII bij Verordening (EG) Nr. 142/2011. 

De belangrijkste eisen m.b.t het vervoer van Dierlijke bijproducten (Bijlage VIII bij EU Verordening nr. 142/2011) zijn:

  • vervoer DBP en afgeleide producten hiervan in gesloten nieuwe verpakkingen of lekvrije voertuigen,
  • voertuigen moeten schoon en droog zijn voor gebruik en voor zover nodig na elk gebruik gereinigd, gespoeld en/of ontsmet, om versleping te voorkomen,
  • DBP en afgeleide producten hiervan bestemd voor de diervoederproductie moeten tijdens het vervoer op een geschikte temperatuur worden gehouden,
  • tijdens het vervoer moeten DBP en afgeleide producten vergezeld gaan van een handelsdocument,
  • de verzender en de vervoerder dienen tenminste 2 jaar een kopie te bewaren van het handelsdocument. De ontvanger bewaart het origineel tenminste 2 jaar.

Voor een aantal DBP en afgeleide producten gelden specifieke voorschriften ten aanzien van bijv. temperatuur en etikettering. Bij vragen hierover kunt u contact opnemen met uw brancheorganisatie.  

Algemeen

Transporteurs hebben een meldplicht als ze constateren of vermoeden dat ze onveilige levensmiddelen of diervoeders vervoeren. Raadpleeg voor meer informatie hierover: 

Bronvermelding en verwijzing

Verdieping

Voor de leden die alles over het onderwerp willen weten