De transportsector heeft de afgelopen jaren al te maken met fors stijgende kosten. Zo stijgen de loonkosten dit jaar met 6 procent en moeten bedrijven blijven investeren in digitalisering en verduurzaming. Per 1 juli komt daar bovendien de vrachtwagenheffing bij. Voor veel vrachtwagens gaat dat om een stijging van 20,1 cent per kilometer. Tegelijkertijd lopen de brandstofprijzen opnieuw op door geopolitieke spanningen, terwijl brandstof gemiddeld zo’n 20 tot 25 procent van de kosten van een transportondernemer uitmaakt. “De marges in het transport zijn al jaren flinterdun. Door deze stapeling van kosten wordt het voor veel bedrijven steeds moeilijker om het hoofd boven water te houden,” zegt Elisabeth Post, bestuursvoorzitter van Transport en Logistiek Nederland (TLN).
Keten moet verantwoordelijkheid nemen
Transportondernemers kunnen de oplopende kosten niet zelf blijven dragen. De combinatie van stijgende dieselprijzen, hogere loonkosten en de invoering van de vrachtwagenheffing leidt tot een forse kostenstijging in de sector. Die kosten zullen onvermijdelijk worden verwerkt in de prijs van transport. Als dat niet gebeurt, komen de toch al kleine marges van transportbedrijven verder onder druk te staan en komt de continuïteit van bedrijven in gevaar.
Accijnsverlaging één van de opties
TLN sluit een oproep om accijnsverlaging niet uit en benadrukt dat de overheid snel moet kijken naar manieren om de druk op de sector te verlichten. “Accijnsverlaging is één van de opties waarnaar gekeken kan worden. Het gaat er uiteindelijk om dat de transportsector deze stapeling van kosten kan blijven dragen. Vrachtwagens houden Nederland draaiende: ze bevoorraden winkels, leveren aan bedrijven en zorgen dat bouwprojecten doorgaan. Zonder een gezonde transportsector komt de bevoorrading van Nederland in gevaar”, aldus Post.


