EU schiet zichzelf in de voet met nieuwe wetgeving

Volgens nieuwe Europese wetgeving moeten alle vrachtwagens vanaf 21 februari 2022 eens in de acht weken verplicht terug naar het land waar het voertuig staat ingeschreven. Een maatregel die grote gevolgen heeft voor Nederlandse logistieke dienstverleners. Toch zijn lang niet alle Europese lidstaten klaar voor invoering, laat staan de handhaving op de nieuwe wet. Bovendien kan deze nog worden teruggedraaid door het Europese Hof van Justitie.

snelweg Polen – Avond –

In een brief aan Adina Vălean, EU-commissaris voor transport, roept TLN de Europese Commissie daarom op de maatregel uit te stellen. De nieuwe wetgeving is onderdeel van het mobility package en heeft grote gevolgen voor internationale transportbedrijven met vestigingen in Centraal- en Oost-Europa. Omdat het aanbod van vracht richting het oosten gering is, zullen veel vrachtwagens veelal leeg terug moeten keren naar het land waar ze ingeschreven staan.

TLN-voorzitter Elisabeth Post: ‘Door deze maatregel staan onze leden voor enorme strategische keuzes. Een van de opties die bedrijven overwegen is verplaatsing van hun bedrijven naar West-Europa. Maar dan moeten ze wel 100 procent zekerheid hebben dat ze die investeringen achteraf niet voor niets doen. Dat weten we pas zeker als het Hof uitspraak heeft gedaan en dat gebeurt op zijn vroegst eind volgend jaar. Tot die tijd is uitstel noodzakelijk.’

Economische gevolgen
De nieuwe regeling leidt, naast onnodige extra co2-uitstoot, tot verloren capaciteit die kan oplopen tot 15 procent. Om dat op te vangen, moeten bedrijven veel extra vrachtwagens aanschaffen en meer chauffeurs aannemen. Beide zijn echter schaars; vrachtwagenproducten kampen met materiaaltekorten en de chauffeurstekorten in de EU zijn zo hoog dat bedrijven moeite hebben met het vullen van vacatures.

Oneerlijke concurrentie
Veel Oost-Europese lidstaten zijn het niet eens met deze nieuwe wetgeving en hebben een zaak bij het Europese Hof van Justitie aangespannen om de regeling te schrappen. De animo om deze maatregel al in februari in te voeren en te gaan handhaven lijkt in die landen zeer gering. Als lidstaten niet tegelijk deze maatregel invoeren en handhaven ontstaat een ongelijk speelveld en oneerlijke concurrentie tussen verschillende landen.

Uitstel
TLN wil daarom dat de Commissie de invoering van de regeling tot die tijd uitstelt. ‘Voor een gelijk Europees speelveld, met uniforme Europese wetgeving is het cruciaal dat wetgeving in alle lidstaten gelijk ingaat én gehandhaafd wordt’, benadrukt TLN-voorzitter Elisabeth Post.  ‘Met deze maatregel schiet de EU zichzelf in de voet. Want hoewel de regeling bedoeld is om een gelijk speelveld in Europa te bevorderen, bereikt het nu precies het tegenovergestelde.’